CORONA EN DE KUNSTMARKT: een terugblik op 2020

Door

Iedere mondiale disruptie brengt veranderingen teweeg. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar die veranderingen zijn niet altijd voorspelbaar en lijken ook niet altijd logisch. Een goede reden om het corona effect op de kunstmarkt eens onder de loep te nemen. 

Om in kaart te kunnen brengen wat er veranderd is op de kunstmarkt in het afgelopen jaar moeten we eerst de situatie zoals die was eind februari benoemen. Daar kunnen we de volgende hoofdpunten uitlichten: er was een groeiend aanbod aan beurzen in binnen- en buitenland. De keuze was zo groot en het aanbod van kunst op deze beurzen zo weinig divers, dat een toenemend aantal kunstliefhebbers het lastig vond om te kiezen waar tijd en geld aan te besteden. ‘beursmoeheid’ werd een steeds vaker gehoorde term.

Veilingen werden eveneens steeds frequenter georganiseerd, waarbij de ene recordopbrengst de andere in rap tempo opvolgde. Binnen de internationale kunsthandel werden de verschillen steeds groter. Zo was de totale omzet van Art Basel 2019 voor 80% in de handen van slechts tien galeries. De overige 280 waren goed voor de overgebleven 20% van de bijna 1 miljard euro omzet. Er waren zelfs legio galeries die vrijwel niets hadden verkocht, terwijl de kosten voor zo’n beurs al snel kunnen oplopen naar bedragen boven een ton.

Oververhitting op de kunstmarkt

Deze trend zette zich door in de uitbreiding van deze mega galeries met vestigingen in metropolen als Parijs, Londen, Hong Kong en New York. De middelgrote galeries voelden zich in het nauw gedreven. Het risico om aan blockbuster beurzen, zoals Art Basel (-Basel, -Miami,-Hong Kong) of Frieze (London, New York) deel te nemen was groot. Niet alleen financieel, maar ook de kans om hun meest significante kunstenaars te verliezen aan een van de reuzengaleries was aanzienlijk. Kortom er was sprake van een steeds groter wordende ongelijkheid.

De oververhitting werd tevens zichtbaar in de groeiende prijzenbubbel, aangewakkerd door kopers die op de primaire markt kochten; om vervolgens binnen een of twee jaar het werk te ‘flippen’ en het soms voor bedragen met enkele nullen meer te verkopen op de veiling. De kunstenaar krijgt daar overigens niets van, maar loopt wel het risico niet meer bereikbaar te zijn voor de serieuze verzamelaars en kunstinstellingen. Mondiaal werd deze problematiek besproken door alle belanghebbenden in symposia en interviews en er werden vele artikelen en rapporten aan gewijd. Maar een kant en klare oplossing om deze gang van zaken te doorbreken werd niet gevonden.

En toen was daar opeens covid-19. Op de kunstmarkt werd de ernst daarvan als eerste duidelijk tijdens TEFAF Maastricht begin maart, toen deze belangrijkste beurs ter wereld voor kunst- en antiek voortijdig de deuren sloot op dag zes na de opening, terwijl er nog vijf dagen te gaan waren. Meer dan 30 handelaren testten uiteindelijk positief. De schrik zat erin en vrijwel alle geplande kunstbeurzen in 2020 werden afgeblazen of verzet naar volgend jaar.

Klaas Kloosterboer, 20117 (3), maart 2020, emaille op krant, 41,3×57,9cm, courtesy Ellen de Bruijne Projects
Lokaal

Maar de daarop volgende landelijke lockdowns hebben het meest teweeg gebracht op de kunstmarkt. De wil om nog in een vliegtuig te gaan zitten op weg naar een overvolle beurs was weg. Of het was gewoonweg niet mogelijk. Dat betekende dat juist de kunst in de eigen omgeving weer werd (her-)ontdekt. Ook kwam er een houding van de bevolking naar de culturele sector, die positief en ondersteunend was. Het creatieve denken om oplossingen te vinden was immers een voorwaarde geworden om zowel fysiek als zakelijk te overleven. Heel anders dan in 2008, tijdens de start van de financiële crisis toen alles wat niet als ‘nuttig’ werd gezien uit de gratie was.

Het gevolg was nu dat kunstenaars en masse werden ondersteund als deze kwamen met originele oplossingen om zich financieel staande te houden. Velen van hen maakten corona edities voor bedragen rond de 100 à 150 euro die allemaal uitverkochten. Zo kwam de bekende Nederlandse schilder Klaas Kloosterboer als een van de eersten uit met een kunstwerk in een oplage van 30, waarbij hij in zijn kenmerkende verfstreek in witte lak stippen had gezet op krantenpagina’s uit maart met nieuws over corona. Eigenlijk waren het dus 30 originele werken, die voor 150 euro inclusief btw als zoete broodjes over de toonbank gingen. Of Caroline O’Breen van de gelijknamige galerie, die haar kunstenaars vroeg om een speciale corona editie te maken in een oplage van 30, die zij om de week presenteerde. Martin van Zomeren organiseerde iedere veertien dagen een nieuwe expositie van kleine werken van zijn kunstenaars, die hij in de etalage van zijn galerie toonde onder de naam Street View Publishing Series. Te koop voor 500 euro per stuk en direct uitverkocht.

Ook werden steeds vaker de handen ineen geslagen en samenwerkingen aangegaan. Bijvoorbeeld in de Hazenstraat Biennale, waarbij alle galeries in de straat met elkaar een soort beurs organiseerden. Of het opvallende project ‘Unlocked/ Reconnected’ dat 1 juni van start ging en waar 200 kunstinstellingen, van galeries, tot musea, kunstcentra en bedrijfscollecties door heel Nederland aan mee deden. Zij toonden allemaal prominent een kunstwerk dat ging over verbinding, waarbij je via een bijbehorende QR code terecht kwam op de gemeenschappelijke website. Nog niet eerder was er sprake van een dergelijke samenwerking tussen alle sectoren binnen de Nederlandse kunstwereld. Twee galeries namen samen het initiatief tot ‘Unlocked/Reconnected’: Tegenboschvanvreden uit Amsterdam en Dürst Britt & Mayhew uit Den Haag. Een positieve boodschap, niet in de laatste plaats gericht aan de overheid.

De meeste galeries bleven open, al wist niet iedereen dat. Daardoor en door de wettelijke maatregelen kon je vrijwel in je eentje de kunst bekijken en werd het zo weer het contemplatieve moment, waarvoor het ooit bedoeld was. Iets dat overigens ook goed paste in het leven-met-corona rijtje: de herbeleving van de natuur, de lege stad opnieuw ontdekken en heel veel wandelen. Maar de serieuze kopers wisten wel degelijk de weg naar de galeries te vinden. En juist door de rust en wellicht ook, omdat er geld bespaard werd op reizen en uitjes werd er toch nog goed verkocht, ook in het hogere segment. Zo was de tentoonstelling begin juni bij Grimm Gallery met nieuwe werken van de internationaal bekende kunstenaar Michael Raedecker – met prijzen variërend van €15.000 tot meer dan een ton – uitverkocht. En Ron Mandos lanceerde eind april succesvol zijn eerste samenwerking met de – eveneens internationaal vermaarde – Belgische kunstenaar Koen van de Broek.

Kunstmarkt online

En we gingen online. Dat was natuurlijk al wel eerder gaande, in 2019 was 8% van de omzet van de mondiale kunstmarkt gegenereerd via online kanalen. Maar het ging niet zo snel als gedacht. De enige financieel succesvolle verkoopplatforms waren diegene die waren verbonden aan al bestaande en bewezen merken, zoals Artnet, Artsy en de grote veilinghuizen Sotheby’s, Christie’s, Philips en Bonhams. Grote galeries als Zwirner en Hauser and Wirth hadden in 2019 voor het eerst naast hun fysieke stands op Art Basel ook een online viewing room, zodat ze dubbel zoveel konden aanbieden. Daarop werden toen voor het eerst een paar werken van boven de miljoen verkocht, maar over het algemeen lagen de bedragen voor aankopen online onder de 500.000 euro.

Online viewing room Kahmann Gallery op Parisphoto New York, 2020, met werk van Bastiaan Woudt, courtesy Kahmann Gallery

Door de covid-19 maatregelen heeft online een enorme vlucht genomen. Waar het eerst wel leuk maar niet noodzakelijk was om te begrijpen hoe zoom of andere online communicatie werkte, laat staan het daadwerkelijk te gebruiken, werd dat nu de enige manier om contact te houden met de buitenwereld. De online media werden nu plotseling door een veel grotere bevolkingsgroep omarmd.

Beurzen die niet door konden gaan organiseerden online viewingrooms voor hun deelnemers en ook de veilinghuizen bleven gedurende de hele zomer hun veilingen online aanbieden. De resultaten waren wisselend. De viewingrooms bleken geen doorslaand succes, maar de veilingen gingen onverwachts erg goed. Zowel op nationale- als internationale kunstmarkt werd goed verkocht. De omzet was weliswaar een stuk lager, maar de verkoopaantallen waren bovengemiddeld. En zo is het nog steeds. Wat daarvoor een belangrijke reden kan zijn is een vlucht uit kapitaal naar bezit. Hetgeen nog wordt versterkt door de verwachting dat in tijden van crisis koopjes te halen zijn. Dat laatste is echter een vergissing aangezien juist in tijden van onzekerheid mensen over het algemeen terughoudend zijn om hun bezit te verkopen en er zodoende weinig kwalitatief hoogstaande kunst op de markt komt.

Er is wel een duidelijk verschil tussen de nationale en internationale kunstmarkt. Op de mondiale hedendaagse kunstmarkt is nog steeds sprake van speculatie en ‘flippers’. Bizarre uitslagen van kunstenaars die allemaal geboren zijn in de jaren 80, waarvan werk verschijnt op de internationale veilingen en die meer dan eens vijftien tot twintig keer hun taxatie opbrengen. En dat gaat dan om werken die zijn geveild in juni en juli 2020 en gemaakt in 2018 en 2019.

Kunstwaarde

Gelukkig betreft het hier maar een klein segment van de markt, de nationale markten zijn veel rustiger en daar gaat het vooral om de kunstwaarde. De thuismarkt staat door de corona omstandigheden steeds meer in de belangstelling. De grootste klappen zien we nu juist bij de internationale megagaleries, die massaal personeel moeten ontslaan. En bij beurzen die afhankelijk zijn van de internationale markt en die onmogelijk doorgang kunnen vinden. Dat is anders voor de lokale beurzen. Zo is inmiddels is eind augustus de hedendaagse kunstbeurs CHART (online) in Kopenhagen succesvol afgesloten en opende Art Paris half september haar deuren in het Grand Palais.

Ook in ons land zijn, naast noodzakelijke afgelastingen, ook positieve initiatieven te melden. Zo opende in Amsterdam het galerieseizoen in het eerste weekend van september zeer succesvol. Met name door een ongekende samenwerking van alle betrokken partijen, van het online platform Gallery Viewer en Amsterdam Art Weekend tot kunstclubs, adviseurs, kunstenaars, instituten, galeries en zelfs Het Parool. In datzelfde weekend had een zestal Nederlandse kunsthandelaren, deelnemers van o.a. de TEFAF, de handen in elkaar geslagen en binnen vijf weken een intiem kunstbeursje in elkaar gezet. Dit was zo succesvol dat ze overwegen dit te herhalen als de maatregelen het toelaten. Niemand weet waar het uiteindelijk naar toe zal gaan, maar een ding is zeker: disruptie geeft behalve onrust en zorgen ook mogelijkheden. Laten we ons vooral daarop blijven focussen.

Wil je op de hoogte blijven van de ontwikkelingen op de kunsthart? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief of abonneer op Tableau Magazine!




Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

Lees meer ...