Design Dialoog: Piet Hein Eek en Teun Zwets

Door

Piet Hein Eek Teun Zwets Tableau Magazine
Piet Hein Eek. Foto: Nick Bookelaar | Teun Zwets

Piet Hein Eek heeft een bloeiend bedrijf en een werkplaats met twintig mensen. Zelf tekent en ontwerpt hij het liefst. Teun Zwets is pas net afgestudeerd en werkt juist graag met zijn handen. Eek nodigde hem uit een kamer te ontwerpen in het hotel dat hij in 2022 opende.

Piet Hein Eek verbouwde een voormalige Philips­fabriek aan de rand van Eindhoven tot werkplaats, winkel, ateliers, galerie en restau­rant. Het hotel dat in 2022 opende is in zekere zin de vervolmaking van dat designcomplex. ‘Hier slaap je, eet je en leef je eventjes in een wereld die helemaal door ons is vormgegeven én gemaakt’, zegt Eek. Het bed, de wastafel, de ontbijtzaal, alles ademt dezelfde ontwapenende no­nonsense stijl van het sloophout­ meubilair waarmee Eek al meer dan dertig jaar furore maakt. Maar opvallend genoeg gaat veel aandacht uit naar een kamer die nou net níet van zijn hand is. De Nachtwacht heet dit kobaltblauwe vergader­, ontbijt­ en slaapvertrek waarvan de muren en het meubilair bestaan uit een mozaïek van grillig gevormde houtdelen. Kasten, bed en schrijftafel zitten allemaal verstopt in dat monochrome totaalbeeld. De kamer is een creatie van de jonge ontwerper Teun Zwets. ‘Ik had zijn afstudeerwerk gezien en wist meteen: die moet een kamer in mijn hotel maken’, aldus Eek.

Piet Hein Eek Teun Zwets Tableau Magazine
Teun zwets, About Today, 2023

De verwantschap tussen de twee ontwerpers is duidelijk zichtbaar. Beiden werken graag met ruwe maar eerlijke mate­rialen, waaronder ook restmateriaal. Sloophout in het geval van Eek, allerlei afval voor Zwets. Daarbij stralen hun ontwer­pen een overrompelende puurheid uit: in een oogopslag zie je hoe ze zijn gemaakt, en waarvan. Niet voor niets breken zowel Eek als Zwets meteen na hun afstuderen aan de Design Academy Eindhoven door met een eigenzinnige meubel­ collectie. Eek in 1990 met een afrekening met het glanzende industriële design van de jaren 80. Met zijn zelfgebouwde kasten, tafels en stoelen introduceert hij een speelse en ambachtelijke stijl in design. Veel mensen zien in zijn werk een spottend commentaar op de gelikte esthetiek van de weggooi­maatschappij. ‘Terwijl ik dat sloophout gewoon een fantastisch materiaal vindt. Elke plank is anders, wat een levendig beeld geeft.’

Philips­fabriek

Zwets studeert in 2020 af met Teunland, een totaalinterieur van fantasievolle meubels van allerhande afval. De spontane creaties breken met de digitale perfectie van het moderne bestaan. Weg van het beeldscherm en lekker met de handen werken – Zwets doet wat we allemaal wel zouden willen. Zelfs omschrijft hij zijn manier van werken als intuïtief. ‘Ik ontwerp al makend. Het liefst begin ik ’s ochtends aan een meubel en is het ’s avonds klaar. Anders raak ik maar afgeleid.’ Hij werkt graag met afval. ‘Omdat je daarmee zonder naden­ ken aan de slag kunt en daar hou ik van. Als je veel geld hebt betaald voor een stuk natuursteen, denk je natuurlijk wel drie keer na voor je je boor erin zet. Dat remt mijn creativiteit. Ik wil vrij zijn.’

Piet Hein Eek Teun Zwets Tableau Magazine
Piet Hein Eek, Lamp van oude stropdassenstof, 2014

Ondanks het leeftijdsverschil is de omgang tussen Zwets (1992) en Eek (1967) vriendschappelijk, bijna familiair. Dat is niet toevallig; de vriendin van Zwets komt al sinds de basis­ school bij Eek over de vloer als hartsvriendin van zijn tweelingdochters. Al blijft Zwets natuurlijk de branievolle new kid in town en is Eek een wereldberoemd merk. Wordt dat de nieuwe stip op de horizon voor Zwets – een werkplaats met tien, misschien wel veertig man personeel die een uitge­werkte Teun Zwets collectie vervaardigt? In een eigen pand, dat eigenhandig is verbouwd bovendien? ‘Ik raad je dat ten sterkste af’, lacht Eek. Want een onderneming opbou­wen, dat gaat niet zonder slag of stoot. Zo balanceerde Eeks bedrijf meermaals op de rand van een bankroet. ‘Maar dat hoort nu eenmaal bij ondernemen.’ Het is vooral de regel­geving die Eek uitput. Zijn boekhouder, de belastingdienst. Eigenlijk alles dat hem afleidt van het ‘leuker en fatsoenlijker maken van deze wereld’. Gelukkig is hij op een punt in zijn leven dat hij beseft: ‘Soms is het beter om te bestendigen wat je hebt opgebouwd dan meteen herinvesteren en doorgaan.’ Daarom is hij weer elke dag vrolijk als hij de drempel overstapt van zijn kantoor en werkplaats. ‘Dan mag ik weer tekenen, weer de werkplaats in en materialen uitzoeken. En als zo’n ontwerp vervolgens efficiënt en hoogwaardig vervaardigd wordt en de klanten er superblij mee zijn, dan geeft dat zo’n bevrediging.’

Finishing touch

Zwets loopt vooralsnog vooral tegen een praktische beperking aan: zijn werkplaats in een antikraakpand (‘mijn derde al weer sinds mijn afstuderen’) die tochtig en ijskoud is. ‘Ik kan daardoor niet efficiënt werken. Lijm en lak drogen niet goed. Ik kan niet eens goed bij de werkplaats met mijn auto, want de weg ligt open omdat het riool wordt vervangen. Zo lekt er niet alleen geld en energie weg, er gaan dingen fout die niet zouden hoeven.’ Dus ja, zo’n professionele werkplaats met diverse zaagmachines en een droge houtopslag, dat lijkt hem wel wat.

Verder lezen? Neem een abonnement of koop een losse editie in de winkel.

Lees meer ...

Graduation Shows Afstudeershows Afstudeertentoonstellingen Kunstacademies Tableau Magazine

Column Collect: een zomer vol talent

Deze zomer vindt de Biënnale van Venetië plaats, dé kans bij uitstek voor kunstliefhebbers, verzamelaars en professionals om de laatste ontwikkelingen binnen de hedendaagse kunstwereld te ontdekken. De Biënnale is niet alleen artistiek inhoudelijk een

Lees verder »
Manifesta 15 Tableau Magazine

Manifesta: meer dan kunst

Kunst kan een ander verhaal vertellen. Het kan verbinden. Dat is de vaste overtuiging van Hedwig Fijen, oprichter en directeur van Manifesta. Manifesta werd opgericht in de jaren 90, toen na de val van de

Lees verder »
Lee Ufan Rijksmuseum Tableau Magazine

Lee Ufan: Relatum

Relatum heet de serie werken die Lee Ufan deze zomer exposeert in de tuinen van het Rijksmuseum. Een serie sculpturen waar hij sinds de jaren 70 aan werkt. De titel vat samen waar het om gaat:

Lees verder »