Loïs Dodd: mateloos fris door spaarzaamheid 

Door
Jantine Kremer
Loïs Dodd tableau magazine
Loïs Dodd, The Painted Room, 1982, olie op linnen, 153x127cm

Dit najaar zet Kunstmuseum Den Haag een kunstenaar in de schijnwerpers waarvan het moeilijk te geloven is dat ze zo lang onder de radar bleef: Loïs Dodd. In Framing the Ephemeral  zijn 100 sprankelende schilderijen te zien, een glimp van ruim acht decennia schildersleven. 

Terwijl de deur achter me dichtvalt zie ik door de zon oplichtende gele gordijnen aan weerszijden van een half geopend raam dat uitzicht biedt op groen. Tegelijk wordt het kozijn ook omríngd door een verticaal ritme van bomen, met snelle toetsen aangegeven gebladerte en een opvallend roze bosgrond. Dan wordt mijn oog naar boven gelokt, naar een kaal peertje en een klein reepje geelwit plafond.  

In de jaren 70 beschilderde Dodd (1927, New Jersey, VS) de wanden van haar woonkamer waarbij ze de directe omgeving van haar huis naar binnen haalde. Jaren later nam ze deze muurschildering als onderwerp voor een schilderij. Als openingswerk in de tentoonstelling Framing the Ephemeral vat The Painted Room (1982) haar schildersbestaan levendig samen; deze kunstenaar is vol opgewekte aandacht verweven met haar omgeving. En houdt van schilderen als van het leven zelf.  

Curator Louise Bjeldbak Henriksen was op die kamer, die aan de andere kant beschilderd is met een blauwe wolkenlucht. ‘Gastvrij bood ze me aan om bij haar te logeren. Dit gaf me de kans om de vele plekken die ze in acht decennia geschilderd heeft te bezoeken en er met haar over te praten.’ Dat ze veel tijd heeft doorgebracht met Dodd is voelbaar in de op zaal getoonde documentaire en de zorgvuldig samengestelde tentoonstelling. Het is een tipje van een onvoorstelbare hoeveelheid die Dodd in haar meer dan 80 werkzame jaren gemaakt moet hebben. En het oeuvre is nog niet voltooid. Nog elke dag schildert Dodd. Ze trekt er niet meer met ezel en doek op uit, maar haar zoon Eli King neemt kleins van buiten voor haar mee, zoals takken met peulen of bessen en dennenappels.  

Ik wil, net als Dodd deed, een matje uitrollen en op de grond gaan liggen. Maar niet om soberheid te oefenen zoals de kunstenaar, maar om langer in nabijheid van haar schilderijen te kunnen blijven. Maar waarom eigenlijk? Wat maakt Dodd’s werk zo aantrekkelijk? 

Vertraging 

Sinds de jaren 60 verdeelt Lois Dodd haar tijd grotendeels op dezelfde manier: zomers brengt ze door in Midcoast Maine, in de winter verblijft ze in New York City en tussendoor zoekt ze regelmatig in haar geboorteplaats New Jersey de twee heuvels van de Delaware Water Gap op. De inrichting van de tentoonstelling volgt grotendeels dit ritme en haar onderwerpen, die ze in of direct buiten haar huis vindt. ‘Ik werk het best als ik steeds terug ga naar dezelfde plekken. Ik verander, zij veranderen of het weer verandert. Ik dacht eerst dat het onderwerp een keer op zou drogen en dat ik in beweging zou moeten komen. Maar dat is nooit gebeurd: het is juist het tegenovergestelde.’ Dus legt ze steeds opnieuw de verticalen en diagonalen van het bos vast, het verkleuren van de bomen en het afbreken van takken, en toont ze ons haar uitzicht vanuit het New Yorkse appartement spelend met kleur en vlakverdeling, afhankelijk van de positie van de zon en de patronen die de schaduw werpt. Door steeds dezelfde onderwerpen te schilderen geeft ze de kijker alle ruimte om stil te staan bij de dingen die ons omringen. En ook al is haar uitzicht anders dan die van mij, een beregend raam, een boom in bloei, een door maanlicht beschenen straat voelt vertrouwd. Het herinnert aan dagelijkse momenten, waarop opeens de symmetrie van een plant opvalt, de zon die een klein stukje landschap verlicht of de ritmisch repeterende vormen van de stad. Momenten waarop dingen zijn zoals ze zijn en dat dat precies goed is. Elk schilderij bevestigt dat groots en meeslepend leven niet nodig is. 

Loïs Dodd, Springtime Studio Interior, 1972, olie op linnen, 137x168cm

Fris 

Nog iets dat de toeschouwer geboeid houdt, is dat Dodds werk zo ongelooflijk fris is. In de bij de tentoonstelling verschenen catalogus komt het woord fresh zestien keer voor en ook David Breslin (curator bij Metropolitan Museum of Art) noemt het in de documentaire. Dit heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat Dodd ter plekke schildert wat ze voor zich ziet – snel, om het moment niet te verliezen – voor een raam, in een bos, een tuin, op een rotspartij. Zonder voorbereidende tekeningen of foto’s. Met een ezel en geprepareerd hardboard trok ze erop uit op zoek naar een geschikte plek en de juiste hoek. Veel van haar werk kwam in één sessie tot stand. De grotere schilderijen, op ongeprepareerd opgespannen linnen (niet te strak, zodat het nog wat ruimte heeft ‘once the gesso hits it’) liet ze soms onafgemaakt en afgedekt met plastic achter in het bos om er de volgende dag naar terug te keren.  

Op het idee gebracht door een van haar studenten – Dodd gaf les op verschillende academies en ruim 20 jaar aan Brooklyn College – gebruikte ze vanaf begin jaren 90 kleine aluminium dakrandplaatjes – flashings – die ze geprepareerd in haar zakken meedroeg, om observaties snel te kunnen vastleggen.  

Zelf begon Dodd haar kunstenaarschap bij Cooper Union, een op het Bauhaus gestoelde, collegegeldvrije school in New York. Ze ontmoette er Alex Katz, een vriend voor het leven. De eerste les, vertelt Dodd graag, was het maken van verf. ‘Een fantastisch begin. Als ik de verf gemaakt heb, zal ik ook wel bevoegd zijn om te schilderen.’ Zou haar, door haarzelf ‘scratchy and thin’ genoemde manier van schilderen hier iets mee te maken hebben? Dodd’s weinig verhullende verfopbreng draagt in elk geval bij aan de helderheid van haar werk. Het is duidelijk dat ze goed weet wanneer ze moet stoppen en nooit schildert om het schilderen. ‘Het gaat erom wanneer je de laatste betekenisvolle penseelstreek gezet hebt. De laatste penseelstreek die gezet moest worden, omdat je daar iets zag.’  

Raamkozijn en wasgoed 

Na aandacht en helderheid als aantrekkelijke eigenschappen van haar werk, brengt tot slot Dodds feilloze gevoel voor evenwicht en compositie ons bij de enkele Mondriaans die haar werk in de tentoonstelling vergezellen. En verdenk Kunstmuseum er nu niet van …

Verder lezen? Neem een abonnement of koop een losse editie in de winkel.

Lois Dodd, Framing the Ephemeral 
Kunstmuseum Den Haag t/m 4 januari 2026 

Bij de tentoonstelling verschijnt de catalogus Lois Dodd | Framing the Ephemeral, met essays van o.a. Katy Hessel, Faye Hirsch, Vincent Katz, Lucy R. Lippard, Laura McLean-Ferris, Janice McNab en Karen Wilkin, Hannibal Books, €39,95  

LEES MEER Stories

Het magisch realisme van Anaïs López 

Het project ‘De Schildpad en de Monnik’ zette beeldend kunstenaar/fotograaf Anaïs López definitief op de kaart. Na een expositie bij Japanmuseum SieboldHuis in Leiden, is het werk nu ook onderdeel van een tentoonstelling bij Het

Lees verder »
Kunstwerk Laure Prouvost, installatie van beton in het water.

 Kunst aan de Maas

  Langs de oevers van de Maas ontmoeten kunst en natuur elkaar in België in een reeks monumentale kunstwerken van Mark Dion, Laure Prouvost, Adrie Tirtiaux, Germaine Kruip, Koen Vanmechelen en Jennifer Tee.  Dit is het beverbos zegt gids Michiel

Lees verder »