Categorieën
Galeries Pan

Eindelijk samen: Jeroen en Jasper Krabbé

Jarenlang zeiden ze nee tegen elk verzoek om samen te exposeren. Tot nu. Jeroen en Jasper Krabbé tonen hun nieuwste werk op PAN Amsterdam bij Galerie Helga Hofman.

De zon schijnt onbarmhartig, Jasper Krabbé zit ontspannen in de Zuid-Franse schaduw. Hij heeft vakantie, maar werkt in dat mooie Franse licht óók aan nieuwe schilderijen. Hij lacht: ‘Ik ben altijd aan het werk en ik heb eigenlijk ook altijd op vakantie.’ Dat nieuwe werk toont hij op PAN Amsterdam, bij Galerie Helga Hofman. Hij exposeert daar samen met, en dat is voor het eerst, zijn vader Jeroen.

Vaak, ontelbaar vaak kregen Jeroen en Jasper het verzoek om – als vader en zoon – samen te exposeren. Ze zeiden altijd nee, tot nu. Jasper legt uit waarom het moment nu wel perfect is. ‘Het is de laatste keer dat Helga op de PAN staat en Jeroen en ik zijn allebei ooit bij haar begonnen. Het leek ons een heel mooi gegeven om dat te eren. Het is bijzonder als iemand je aan het begin van je carrière vertrouwen geeft en je werk wilt tonen. Daar ben ik haar heel dankbaar voor.’ 

Jeroen en Jasper hebben allebei een lange geschiedenis met Galerie Helga Hofman. ‘In de begintijd was het nog een heel kleine galerie, bij mijn weten deed ze geen beurzen. Maar zij had écht geloof in mijn vaders werk, toen niemand er nog naar omkeek. Door mijn vader ben ik met haar in contact gekomen. Ze vertegenwoordigde destijds een aantal jonge Duitsers die mij aanspraken, Udo Dziersk bijvoorbeeld, die werkt nog steeds met haar. Daardoor voelde ik: tof, ze heeft ook een jongere garde.’ 

Jasper Krabbé, Boy in Tree (Jack Whitten at a Young Age), 2025, acryl op doek, 180x103cm, courtesy Helga Hofman Gallery

Gedrevenheid

Jasper waardeert de gedrevenheid van Hofman. ‘Wat ik heel tekenend voor haar vind, is dat ze altijd bereid is om risico’s te nemen als ze in iets gelooft. Dat is voor een kunstenaar echt te gek. Zij is een echte galerist die durft te investeren in een kunstenaar. Wat dat betreft is het natuurlijk ontzettend jammer dat dit haar laatste PAN is en de galerie alleen op afspraak wordt’ 

Het wordt dus een afscheid met een primeur. Beide mannen voelden zich overigens jarenlang comfortabel met hun ‘nee’. Jasper grinnikt: ‘Dan belde er weer iemand op die zei: ‘Ik heb een heel goed idee.’ Laat me raden, zei ik dan, mijn vader en ik? Je bent niet de eerste die ermee komt… In al die meer dan dertig jaar was mijn antwoord altijd nee. Mijn vader dacht er precies hetzelfde over als ik. We vonden allebei dat we onze eigen weg moesten gaan. Ik heb dat nu ook met mijn dochter Lotus. Zij studeert aan de Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen. Ik kreeg laatst een voorstel om met haar te exposeren, en ik vind haar een heel goede schilder, maar nee, dat gaan we niet doen. Als kunstenaar moet je je eigen weg vinden. Je kunt niet op een ander leunen.’

Er was nóg een reden om ja te zeggen tegen Hofman, legt Jasper uit. ‘Ik vind het leuk hoor, die geschiedenis in mijn familie met al die schilders, maar ik kom uit een heel andere hoek – ik ben begonnen met graffiti. Dus ik was me er niet zo van bewust dat ik de vierde generatie kunstenaar ben. Misschien hield ik het ook wel onbewust af. Mensen hebben er dan toch een bepaald beeld bij. Maar inmiddels ben ik op een punt: ik heb mijn eigen wereld, mijn eigen werk, mijn eigen leven. Ik hoef me daarin niet meer te bewijzen. Dus dan komt er een moment dat het kan. Dat het niet zwaar of beladen voelt, maar alleen maar mooi.’  

Dubbele solo

Vader en zoon zullen de enige exposanten zijn in de stand van Hofman. ‘Ja, dat is ook te gek. Hoe noem je dat, een dubbele solo, haha?’ Jeroen laat op de PAN zijn landschapsschilderijen zien en Jasper toont grote portretten. De geschilderde werelden van vader en zoon mogen dan totaal verschillend zijn, Jasper ziet wel degelijk overeenkomsten tussen hen. ‘Dan denk ik in eerste instantie vooral aan kleur. Jeroen is natuurlijk een echte landschapsschilder. Ik heb al een paar van zijn nieuwe schilderijen gezien en daar zitten een paar kleurcombinaties in, die heel intuïtief zijn, en ongelooflijk mooi. Jeroen heeft een enorme aanleg voor kleuren en zelf hoef ik ook nooit echt na te denken over kleur. Dat komt niet van de mind, dat komt van je intuïtie of je gevoel.’ 

Meer lezen? Neem een abonnement of koop een losse editie in de winkel.