Categorieën
2024 Columns

Column Collect: een zomer vol talent

Deze zomer vindt de Biënnale van Venetië plaats, dé kans bij uitstek voor kunstliefhebbers, verzamelaars en professionals om de laatste ontwikkelingen binnen de hedendaagse kunstwereld te ontdekken. De Biënnale is niet alleen artistiek inhoudelijk een belangrijk ijkpunt in de kunstwereld, de oplettende kijker haalt hier ook veel informatie over de (toekomst van) de kunstmarkt op.

Veel kunstenaars die door de Braziliaanse curator Adriano Pedrosa zijn uitgenodigd om werk te tonen in de grote groepstentoonstelling in de Arsenale zullen de jaren erop te zien zijn in de toonaangevende musea én op de grote kunstbeurzen: deze biënnale geeft het CV van een kunstenaar een flinke boost.

Graduation Shows

Voor wie deze zomer dichter bij huis blijft zijn de eindexamenexposities van de Nederlandse kunstacademies een must see. Elk jaar tonen de afstuderende studenten van alle afdelingen het resultaat van vier jaar lang onderzoek, experiment en keihard werken. De Graduation Shows zijn voor de kersverse kunstenaars vaak het allereerste moment dat zij hun werk delen met de wereld buiten de muren van de academie. De mini-tentoonstellingen die de kunstenaars hier maken zijn dan ook traditiegetrouw een goede plek voor galeriehouders om vers talent te ontdekken waarmee ze – soms op projectbasis, soms structureel als onderdeel van hun ‘stal’ – willen gaan samenwerken. Ook voor de privéverzamelaar, de grote bedrijfscollecties en zelfs de musea zijn de eindexamenshows een vast onderdeel van de kunstagenda.

De Graduation Shows zijn een goed moment om te peilen wat er leeft onder jonge kunstenaars, zo zijn er elk jaar wel een aantal trends of tendensen op te merken. De afgelopen jaren nam keramiek een enorme vlucht en werd er daarnaast ook steeds meer gewerkt met andere ‘ambachtelijke’ materialen, zoals wol, textiel en glas. De fine arts studenten met een voorliefde voor schilderen grepen terug op expressieve en een tikje naïeve realistische schilderkunst, wat aansluit bij de hang naar herkenbaarheid en tactiliteit.

De grote Nederlandse kunstacademies leveren jaarlijks een interessante lading nieuwe kunstenaars, waarbij elke academie een eigen expertise heeft

Dat de grote Nederlandse kunstacademies jaarlijks een interessante lading nieuwe kunstenaars afleveren staat buiten kijf, maar tussen deze opleidingen is een grote verscheidenheid. De Gerrit Rietveld Academie staat bekend om de alumni die uitstekend conceptueel kunnen denken en een autonome praktijk hebben. De presentaties die hier te vinden zijn, zijn dan ook vaak geworteld in onderzoek en wars van tierlantijnen. Het zijn presentaties waar de kijker soms flink wat moeite in moet stoppen om het optimaal te ervaren, hetgeen dan wel weer beloond wordt met vernieuwende inzichten.

De Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag (KABK) staat bekend om haar uitstekende fotografieafdeling, waar naast autonome fotografen jaarlijks een aantal interessante documentaire-fotografen afstudeert. Deze veel praktischere insteek is ook te zien in het resultaat: het zijn toegankelijke presentaties die tot in de puntjes zijn uitgewerkt en vaak linea recta een galerieruimte in zouden kunnen. Ook de fine arts afdeling van de KABK staat hoog aangeschreven en toont altijd een interessante mix van hardcore schilders, experimentele installatiekunst en fijnzinnige tekenaars. Vergeet bij deze academie vooral de afdeling ‘fashion & textile’ niet, waar draagbare mode en autonome textielwerken, zoals wandkleden, hand in hand gaan. De Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht (HKU) is hofleverancier van top-schilders. De afdeling fine arts is al jarenlang dé plek voor kunstenaars die het liefst met verf en penseel werken. In de oude meubelfabriek van Pastoe vind je hier de laatste stand van zaken op het gebied van de nieuwste schilderkunst.

De nieuwe Mondriaan

Naast het ontdekken van nieuw talent en ontwaren van tendensen, zijn de eindexamenshows voor verzamelaars een mooie manier om hun collectie uit te breiden: deze kunstenaars staan aan de start van hun carrière, wat betekent dat hun werk – mits nog beschikbaar, er zijn altijd andere kapers op de kust – nog heel betaalbaar is. Zij hebben immers nog geen galerie en geen bewezen staat van dienst die tot astronomische prijzen leidt. Met een goed oog en een klein beetje geluk vind je deze zomer in een van de tot tentoonstelling omgebouwde leslokalen wellicht de nieuwe Frida Kahlo of Piet Mondriaan.

Nadine van den Bosch is kunsthistoricus en co-founder van Young Collectors Circle, hét platform voor startende kunstverzamelaars. Daarnaast werkt ze als curator en kunstadviseur voor diverse (bedrijfs)collecties en is ze columnist en tekstschrijver.

Meer lezen? Neem een abonnement of koop een losse editie in de winkel.

Categorieën
2024 Columns

Column Collect: van privé naar publiek

De privéverzamelaar – en diens collectie – begeeft zich de laatste tijd steeds vaker en bewuster in het publieke domein. Waar traditiegetrouw privécollecties achter gesloten deuren bleven, en enkel toegankelijk waren voor de eigenaars en een selecte groep relaties, stapt de verzamelaar de laatste decennia nadrukkelijk uit de luwte.

Deze tendens is onder andere te zien aan de enorme groei aan privémusea wereldwijd, waarvan er ruim 440 zijn die toegankelijk zijn voor het algemene publiek én gewijd aan (met name hedendaagse) kunst. Opmerkelijk is dat 25% hiervan in de afgelopen tien jaar is geopend en met name in Duitsland, de Verenigde Staten en Zuid-Korea verzamelaars de deuren openzetten voor het publiek. Van bescheiden locaties tot door toparchitecten ontworpen gebouwen die state of the art zijn, ze tonen allen de keuze en smaak van de eigenaar. In verhouding met de duizenden musea die er over de hele wereld zijn, lijkt dit een druppel op een gloeiende plaat, maar de invloed van de verzamelaars achter deze private musea moet wel degelijk serieus worden genomen.

Nederlandse voorbeelden

In Nederland kennen we een wat bescheidener palet aan musea die ontstaan zijn vanuit een privécollectie, met als pionier hierin Museum De Pont, meer recent Museum MORE en de in 2016 geopende publiekslieveling Museum Voorlinden. Naast deze instituten die wortels in particuliere collecties hebben, is er ook vanuit de ‘reguliere’ musea een groeiende interesse in en ruimte voor niet-publieke verzamelingen. Zo bood de Kunsthal in Rotterdam een podium aan de KRC Collectie van Rattan Chadha, was de verzameling hedendaagse Afrikaanse kunst van Pieter en Carla Schulting te zien in Kunsthal KAdE in Amersfoort en toonden Martijn en Jeannette Sanders een deel van hun collectie in het Stedelijk Museum Amsterdam. Deze omvangrijke tentoonstellingen laten naast een inhoudelijk verhaal over de kunstwerken en onderlinge samenhang ook de betrokkenheid en het enthousiasme van de verzamelaars zien. Hun keuze is voor even van iedereen.

Met name in het internationale topsegment zijn aankopen van verzamelaars van grote invloed op de carrière van kunstenaars

De invloed van de collectioneur

Naast het ontsluiten van (delen van) collecties in musea leveren privéverzamelaars ook via andere manieren een bijdrage aan het kunstlandschap, bijvoorbeeld door het (langdurig) in bruikleen geven van kunstwerken voor een specifieke tentoonstelling of het doneren van werken aan musea. Deze genereuze gebaren maken mogelijk dat kunst die anders nooit te zien zou zijn zich – al dan niet tijdelijk – in het publieke domein begeeft.

Musea hebben te maken met beperkte budgetten, een doorwrocht collectiebeleid dat continue wordt aangescherpt en zorgvuldige aankoopprocessen: restricties waar de welvarende particuliere verzamelaar niet aan gebonden is. Hoewel een verkoop aan een museum nog altijd hoger op het verlanglijstje van de galerie staat, betekent dit ook dat privéverzamelaars sneller kunnen anticiperen in de kunstmarkt. Hun aankopen, met name in het internationale topsegment, zijn van grote invloed op de ontwikkeling van de carrière van kunstenaars. Samen met de tendens om deze aankopen ook met een breed publiek te delen wordt de stem van de verzamelaar steeds belangrijker en zichtbaarder. Dit uit zich ook in de aandacht voor de collectioneur in panels, debatten en conferenties die in het kunstveld worden georganiseerd. De verzamelaar wordt niet zelden uitgenodigd als expert of smaakmaker en lijkt hierin een vaste waarde te worden, zij aan zij met de museumconservatoren. De invloed van de collectioneur lijkt te groeien, wat zich op positieve wijze toont in het delen van talloze topstukken met het grote publiek.

Er is vanuit de kunstwereld echter ook een kritische noot op deze ontwikkeling: de verzamelaar kan de eigen collectie gebruiken om invloed uit te oefenen op het (tentoonstellings)beleid van de instellingen en zo voorbijgaan aan de zorgvuldigheid waarmee musea hun keuzes maken. Waar musea het grote plaatje – denk aan maatschappelijke tendensen, lacunes in de collectie en makers die nog niet gehoord en gezien worden – als leidraad voor hun aanwinsten en tentoonstellingen gebruiken, hoeft de privéverzamelaar niet binnen dergelijke kaders aan te kopen en is de eigen interesse, persoonlijke visie en voorkeur (terecht) leidend. Dit resulteert in een interessant spanningsveld waartoe de kunstwereld zich in toenemende mate zal moeten verhouden.

Nadine van den Bosch is kunsthistoricus en co-founder van Young Collectors Circle, hét platform voor startende kunstverzamelaars. Daarnaast werkt ze als curator en kunstadviseur voor diverse (bedrijfs)collecties en is ze columnist en tekstschrijver.

Meer lezen? Neem een abonnement of koop een losse editie in de winkel.

Categorieën
2023 Columns

Column Collect: de opleving van het surrealisme

Wie het Museo del Prado in Madrid wel eens heeft bezocht, heeft ongetwijfeld oog in oog gestaan met een van de meest indrukwekkende kunstwerken uit de westerse kunstgeschiedenis: De tuin der lusten van Jheronimus Bosch. Het meesterwerk van deze Nederlandse schilder is ruim drie meter breed en bijna twee meter hoog. Dankzij het forse formaat en de talloze details leent het werk zich uitstekend voor een nadere inspectie, waarbij men als kijker van scène naar scène op reis kan gaan in het schilderij.

Het werk verbeeldt het verhaal van de zondeval en barst van de symboliek. Op het linkerpaneel staat de schepping van Eva centraal, gesitueerd in het aardse paradijs, op het moment voordat de zonde zijn intrede deed. Deze relatief rustige compositie staat in schril contrast met de duizelingwekkende hoeveelheid gebeurtenissen op het middenpaneel. Inzoomend op het midden van dit paneel zijn naakte mensfiguren rondrijdend op paarden, varkens, geiten en fantasiewezens te zien, voeren levensgrote vogels bessen aan mensen en draagt een man een mossel op zijn rug waarin twee ongeklede mensen tussen de parels verstopt liggen. Het rechterpaneel schetst de consequenties van deze losbandige acties: gefolterde zondaars worden door duivels opgejaagd in de coulissen van een brandend landschap. De slotakte verbeeldt hel en verdoemenis.

De opleving van het surrealisme zorgt voor ruimte op de markt en in de musea voor kunst die draait om verbeeldingskracht

De invloed van dit iconische kunstwerk is tot de dag van vandaag merkbaar in de kunstwereld. Ruim een halve eeuw nadat Bosch De tuin der lusten schilderde, maakte Pieter Bruegel de Oude zijn Toren van Babel. Hoewel minder expliciet en dystopisch dan het drieluik van Bosch, gaat ook dit kunstwerk over de slechte, zondige eigenschappen van de mens. IJdelheid en hoogmoed worden gestraft door God middels het dwarsbomen van één universele taal voor de hele mensheid.

Miró & Dalí

Een sprong in de kunstgeschiedenis brengt ons bij het surrealisme, in het begin van de 20e eeuw. Een blik op het rechterpaneel van Bosch doet onmiskenbaar belletjes rinkelen bij de liefhebbers van Joan Miró en Salvador Dalí. De droomachtige, onheilspellende sfeer en de zwevende objecten die losjes samen een compositie vormen zijn goed terug te zien in het werk van deze boegbeelden van het surrealisme. Met name in het werk van Miró komen – in gestileerde vorm – dieren, fantasiewezens en losse lichaamsdelen samen in een setting die ondanks de vrolijke kleuren toch vaak iets dreigends heeft. De werken van Dalí zijn minder geabstraheerd en meer beïnvloed door de fascinatie van de schilder voor het onderbewuste en de droomwereld. Maar ook hier is de invloed van Bosch goed te zien: bizarre taferelen, lichaamsdelen die zijn losgezongen van het geheel en ranke mensfiguren komen met regelmaat terug in zijn schilderijen.

The Milk of Dreams

Recentelijk oogstte de hoofdtentoonstelling op de Biënnale van Venetië, ‘The milk of dreams’, veel lof. In deze tentoonstelling – de titel is ontleend aan het boek van de surrealistische kunstenaar Leonora Carrington – was volop aandacht voor ons onderbewuste, processen van transformatie en een magische wereld die parallel loopt aan de onze. Deze toonaangevende expositie zorgde op de kunstmarkt voor een enorme opleving van kunstwerken met een surrealistische inslag. Waar er de afgelopen decennia maar mondjesmaat interesse was in deze stroming – die door de markt toch vaak werd afgedaan als minder interessant dan kunststromingen met een meer academische of filosofische grondslag – markeerde de Biënnale een kantelpunt. De verkoop van en institutionele interesse in het werk van onder andere Firelei Báez en Raphaela Vogel nam een enorme vlucht. Deze wisselwerking tussen kunstwereld en kunstmarkt is niet nieuw; toonaangevende kunstmanifestaties zoals de Biënnale van Venetië zijn al jaren een voorbode voor wat er enkele maanden later te zien en te koop is op Art Basel. Maar de link wordt wel steeds meer zichtbaar en sterker. De hernieuwde interesse in het surrealisme en kunstenaars die zich hier verwant aan voelen, zorgt voor ruimte op de markt en in de musea voor kunst die draait om verbeeldingskracht, fantasie en andere werelden.

Nadine van den Bosch is kunsthistoricus en co-founder van Young Collectors Circle, hét platform voor startende kunstverzamelaars. Daarnaast werkt ze als curator en kunstadviseur voor diverse (bedrijfs)collecties en is ze columnist en tekstschrijver.

Meer lezen? Bestel een losse editie of haal hem in de winkel.

Categorieën
2023 Columns

Column Collect: kunst en natuur

Met de zomer in het verschiet, kunnen we ons verheugen op verschillende kunstmanifestaties en biënnales op de agenda. Niet te missen zijn ook de permanente installaties in de beeldentuinen van bijvoorbeeld Museum Voorlinden en het Kröller-Müller Museum, twee collecties die beiden zijn ontstaan vanuit een privéverzameling.

De avontuurlijke kunstliefhebber plant deze zomer een trip door Zuid-Frankrijk om de talloze Fondations te bezoeken, gelegen op prachtige landgoederen en het decor voor de meest spectaculaire buitenkunst. Een must-see in deze regio is Chateau La Coste, een wijngaard met een uiterst interessant programma voor beeldende kunst. In de enorme binnenruimtes zijn wisselende exposities te zien van hedendaagse kunstenaars, maar de grote publiekstrekkers zijn de permanente sculpturen van onder andere Tracey Emin, Sophie Calle en Alexander Calder. Buiten de context van de steriele, witte muren van een tentoonstellingsruimte komen deze grote beeldhouwwerken pas echt tot leven. Persoonlijke favoriet is de gigantische spin van Louise Bourgeois. Dit werk is perfect geplaatst in een vijver, waardoor de grillige poten ook als reflectie in het spiegelende wateroppervlak te zien zijn. Het resultaat is een imposante verschijning, die door haar dynamische vormen elk moment lijkt te kunnen gaan bewegen.

Verzamelaars die liever het hele jaar door genieten van kunst én natuur doen er goed aan zich te verdiepen in kunstenaars die niet alleen inspiratie halen uit de natuur, maar dit ook als materiaal gebruiken. Een goed voorbeeld is Diana Scherer, die ingenieuze ‘tapijten’ maakt van geknoopte wortels. Scherer opereert op het snijvlak van kunst, wetenschap en design en is gefascineerd door het normaliter onzichtbare gedrag van de wortels van planten. Tijdens haar onderzoek kwam Scherer erachter dat wortels per plant sterk verschillen. Zo heeft gras delicate, haast zijdeachtige wortels en zijn die van kamille juist grof en wollig. De strengen van de plantenwortels gebruikt zij als een soort van garen waarmee ze patronen weeft. Dit doet ze niet op de traditionele manier van weven – door de wortels zelf te knopen – maar door het groeipatroon te manipuleren. Scherer dicteert de richting waarop de wortels zich uitstrekken middels een sjabloon, maar heeft geen totale controle over het groeiproces, en daarmee de uitkomst. Het is een interessante strijd tussen mens en natuur met een prachtig visueel resultaat. Dat werken met levend materiaal het nodige onderzoek en experiment behoeft mag duidelijk zijn. Scherer werkte samen met onder andere TU Delft en Radboud Universiteit Nijmegen. Daarnaast is een flinke portie geduld en een flexibele houding ook geen overbodige luxe. Als er een deadline is moet de kunstenaar immers rekening houden met de groeisnelheid van de wortels. Een nachtje extra hard doorwerken in het atelier haalt in dit geval weinig uit.

Nadine van den Bosch Kunst in de Natuur Anne Geene Diana Scherer Tableau Magazine
Diana Scherer, Interwoven, 2023

Vlekjes, gaten en randjes

Ook kunstenaar Anne Geene maakt graag gebruik van de natuur om haar heen. Een van haar werken is dit jaar te zien op de h3h biënnale. Waar Scherer haar materiaal stuurt en laat woekeren tot een verrassende uitkomst, ordent Geene heel minutieus de natuur om zich heen. Met grote precisie en engelengeduld schept Geene orde in het weelderige groen. Zo determineert ze de bladeren van planten en bomen op geheel eigen wijze, door bijvoorbeeld te kijken naar vlekjes, gaten of gekartelde randjes van een blad. De patronen die ze ontwaart vormen het uitgangspunt voor haar werk. In de enorme verzameling van bladeren, grassprietjes en takjes legt ze – vaak met een knipoog – visuele verbanden. Vervolgens worden de stukjes natuur vereeuwigd op fotopapier en lijkend op echte herbariums aan de muur gepresenteerd.

Tientallen blaadjes die allemaal hetzelfde door insecten aangevreten randje hebben en zo een nieuwe familie vormen

Onlangs dook Geene bijvoorbeeld in de tuin van het Kröller-Müller Museum, waar ze allerlei objecten uit de natuur verzamelde en sorteerde volgens door haar bepaalde kaders. Het resultaat was onder andere een collectie van tientallen blaadjes die allemaal hetzelfde door insecten aangevreten randje hadden en zo een nieuwe ‘familie’ vormen. Ook stenen ontkwamen niet aan de verzamelwoede van Geene. Keurig ordende ze kiezels op formaat en gewicht, als ware het een wetenschappelijke exercitie. Dat ze dit museum koos sluit mooi aan bij de ontstaansgeschiedenis. Oprichter Helene Kröller-Müller stond er om bekend haar collectie uiterst nauwkeurig vast te leggen, met dezelfde precisie en toewijding als Anne Geene de natuur ordent.

Meer lezen? Bestel een losse editie of haal hem in de winkel.

Nadine van den Bosch is kunsthistoricus en co-founder van Young Collectors Circle, hét platform voor startende kunstverzamelaars. Daarnaast werkt ze als curator en kunstadviseur voor diverse (bedrijfs)collecties en is ze columnist en tekstschrijver.

Categorieën
2023 Columns

Column Collect: nieuwe portretten

Marten en OopjenDe Vaandeldrager; de afgelopen jaren werd er door onder andere het Rijksmuseum flink geïnvesteerd in het verwerven van topstukken. Dergelijke aankopen zijn niet alleen een inhoudelijke aanvulling op de collectie, publiekslieveling Rembrandt staat ook garant voor een enorme stroom aan bezoekers. Niet voor niets scoort het Rijksmuseum – en ook Het Mauritshuis – steevast met grootste tentoonstellingen waarin oude meesters een prominente rol spelen.

Hoewel een Rembrandt of Rubens wellicht voor menig privéverzamelaar buiten bereik ligt, betekent dit niet dat de collectioneur van nu zich slechts hoeft te beperken tot hedendaagse kunst. Niet alleen is het fenomeen ‘trans-historisch verzamelen’ of – met een wat lossere rode raad in het aankoopbeleid – eclectisch verzamelen al jaren in zwang, ook het schatzoeken naar onontdekte pareltjes is voor veel kopers part of the fun.

Oud en nieuw

Wie zich interesseert in de laatste ontwikkelingen in de actuele kunst loopt waarschijnlijk de eindexamenexposities van kunstacademies af en bezoekt met regelmaat hedendaagse kunstbeurzen als Art Rotterdam en Unfair om op de hoogte te blijven van het werk van de nieuwste generatie makers. Liefhebbers van oude kunst daarentegen duiken in de wereld van (online) veilingen, bezoeken beurzen als PAN en TEFAF en komen in binnen- en buitenland bij handelaren over de vloer. Met name bij de kleinere veilinghuizen kan men interessante vondsten doen van minder bekende, maar zeer begaafde schilders uit de 16e en 17e eeuw. Bestudeer voor het aankopen goed de herkomst geschiedenis van het werk en let op eventuele stickers op de achterzijde die bijvoorbeeld verwijzen naar eerdere veilingen of eigenaren. Een UV-lamp kan tonen welke ondertekeningen er onder het schilderij zitten, of welke onderdelen later geretoucheerd zijn.

Tot slot kan het geen kwaad om de handtekening van de schilder – indien aanwezig op het werk – te vergelijken met eerdere signaturen van dezelfde kunstenaar; in het geval van een discrepantie hiertussen is het zaak om nog eens goed onderzoek te doen naar de daadwerkelijke vervaardiger. Maar het meest uitdagende en plezierige voor de verzamelaar is misschien toch wel het leggen van verbanden tussen oude meesters en hedendaagse helden. Denk bijvoorbeeld aan de herkenbare foto’s van Hendrik Kerstens, die zich, met zijn dochter als muze en model, graag laat inspireren door iconische portretten uit de kunstgeschiedenis. Met een kwinkslag creëert hij tot in de puntjes gestileerde portretten, waarin hij de attributen uit de oorspronkelijke werken – zoals een weelderig stoffen hoofddeksel – vervangt door objecten uit onze tijd zoals een kunstig gevouwen servet of plastic tas.

Met zijn haarscherpe foto’s die steevast een zwarte achtergrond hebben, toont Kerstens zijn voorliefde voor de oude meesters. De serene blik en haast porseleinen huid van de geportretteerde en het veelvuldig gebruik clair-obscur zijn een onmiskenbare referentie naar het klassieke portretgenre waarin Rembrandt en zijn tijdgenoten zo bekwaam waren.

Onheilspellend

Niet alleen zijn oude meesters een inspiratiebron voor veel kunstenaars van nu, het wordt vaak pas écht interessant als er een flinke dosis reflectie, onderzoek en een kritische blik bij komt. Een goed voorbeeld hiervan is Natasja Kensmil, een van Nederlands meest toonaangevende hedendaagse schilders. In haar werk duikt Natasja Kensmil vaak (de schaduwzijde van) het verleden in, om zo beladen thema’s en actuele kwesties aan de kaak te stellen. Haar monumentale werken zijn opgebouwd uit meerdere lagen donkere olieverf. De sierlijke, haast frivole kwaststreken staan in contrast met de onheilspellende sfeer die over het tafereel hangt. Neem het portret van Clara Abba, uit de serie Monument der regentessen. Regentessen werden in de 17e eeuw veelvuldig geportretteerd. Ze werden door beroemde schilders als Ferdinand Bol neergezet als statige, maar ook warme personen met mededogen voor de minderbedeelden. Natasja Kensmil schildert in Clara Abba een van deze vermogende en invloedrijke vrouwen uit de 17e eeuw op een statige maar griezelige manier. Haar extreem witte huid verwijst naar het heersende schoonheidsideaal, wat ook vandaag de dag nog altijd problematisch dominant is. Hoewel regentessen er om bekend stonden zich actief in te zetten voor liefdadigheid bleef de herkomst van hun rijkdom onbelicht. Dat zij hun weelde grotendeels vergaarden door uitbuiting in de overzeese koloniën staat in schril contrast met hun barmhartigheid. Natasja Kensmil verbindt in haar werk niet alleen heden en verleden, maar biedt ons een nieuw perspectief op de geschiedenis en voegt een nieuwe laag aan het portretgenre toe.

Nadine van den Bosch is kunsthistoricus en co-founder van Young Collectors Circle, hét platform voor startende kunstverzamelaars. Daarnaast werkt ze als curator en kunstadviseur voor diverse (bedrijfs)collecties en is ze columnist en tekstschrijver.

Meer lezen? Bestel een losse editie of haal hem in de winkel.

Categorieën
2022 Columns

Column Collect: Werk op papier

Een schets van potlood of houtskool is het startpunt van talloze meesterwerken uit de kunstgeschiedenis. Het zijn deze lijnen waarmee de kunstenaar het werk tot leven brengt. De eerste ideeën krijgen (letterlijk) vorm op een vel papier en zijn onontbeerlijk voor het totstandkomen van menig kunstwerk. Schetsen is een directe en associatieve manier van werken, waarbij het handschrift van de kunstenaar herkenbaar is. Een kunstwerk op papier is echter meer dan een stap in het maakproces. De directheid van het medium biedt de mogelijkheid om mysterieuze, parallelle werelden te scheppen die een luikje naar een andere tijd of een ander universum tonen. Op verleidelijke wijze wordt de kijker uitgenodigd om de wereld van de kunstenaar in te stappen.

MYSTERIEUZE TAFERELEN

Zo neemt kunstenaar Marcel van Eeden de aanschouwer mee in figuratieve tekeningen waarop alledaags aandoende situaties te zien zijn. Het bescheiden formaat van zijn werk en de subtiele details nodigen uit tot nadere inspectie. Zijn werk roept een mysterieuze sfeer op, als een snapshot uit een obscure film-noir uit de jaren 50. Als een meesterlijke verhalen-verteller schept Van Eeden een wereld waarin feit en fictie in elkaar overlopen.

Geïnspireerd door foto’s, tijdschriften en kranten van voor 1965 (het geboortejaar van de kunstenaar) zet hij het verleden naar zijn hand. Het figuratieve, verhalende element schept direct vertrouwen: het lijken waargebeurde scènes die in archieven zijn terug te vinden. Het zijn vensters naar het verleden, een glimp naar een tijd van weleer. Men zou haast vergeten dat de kunstenaar deze taferelen nooit zelf heeft aanschouwd. Terwijl dit gegeven juist een interessante spanning oplevert. De directheid en het intieme van de tekeningen suggereert een blik op de wereld door de ogen van de kunstenaar, maar niets is minder waar.

DETECTIVE

De geboortestad van Van Eeden speelt een terugkerende rol in zijn tekeningen, we zien vaak het Den Haag van voor 1965 als hoofdrolspeler. Zo dook Van Eeden voor een serie werken in het spiritisme, dat eind jaren 20 en 30 zijn hoogtijdagen beleefde in Den Haag. Als een detective achterhaalde hij via advertenties in de kranten van die tijd op welke adressen er seances werden gehouden. Gewapend met een adressenlijst vervolgde de kunstenaar zijn onderzoek naar archiefbeelden van deze huizen. Dit resulteerde in de creatie van een reeks werken op papier, waarop de huizen waar actieve spiritisten woonden te zien zijn. De kijker kan niet anders dan zich afvragen wat voor mysterieuze taferelen zich achter deze deuren hebben afgespeeld. Juist door alleen de locatie in beeld te brengen wakkert de kunstenaar de nieuwsgierigheid en verbeeldingskracht aan.

Kunst verzamelen werk op papier
Dan Zhu, Mussels, 2019, courtesy Galerie Maurits van de Laar

DAN ZHU

Ook kunstenaar Dan Zhu roept een mysterieuze sfeer op in haar werk. Met name haar figuratieve aquarellen flirten met de droomwereld van het surrealisme. Zhu kiest herkenbare vormen uit de natuur (zoals planten of dieren) en gebruikt deze als bouwstenen van haar tekeningen. Zo stapelt ze in een van haar recente werken een aantal mosselen op elkaar die samen een nieuw, insect-achtig organisme vormen. De glimmende, semi-transparante schelpen bewegen zich zwevend voort, alsof de zwaartekracht op hen niet van toepassing is. Als ranke tornado’s schreiden de magische wezens over het zand. Met uitwaaierende voelsprieten verkennen ze hun omgeving, wellicht op zoek naar de enkele parels die op het strand te zien zijn. De rode vloedgolf die dreigend aan de horizon opwelt lijkt hen geheel te ontgaan.

SURREALISME

De magische sfeer in de werken van beide tekenaars past in de trend van een hernieuwde waardering voor het surrealisme. Zo speelde in de toonaangevende Biënnale van Venetië het dromenrijk een belangrijke rol. Ook in de prominente musea en beurzen is aandacht voor werken die refereren aan magie, fabels en alchemie. Het is geen toeval dat tekeningen en aquarellen hier goed vertegenwoordigd zijn. Met waterverf vloeien verschillende onderdelen van het werk in elkaar over en zijn er geen scherpe contouren. Ook door een zachte potloodtoets zijn de lijnen diffuus en kunnen mysterieuze schaduwen worden aangebracht.

Waar de afgelopen periode geëngageerde kunst en een formele vormentaal de boventoon voerde, lijkt er nu voorzichtig ruimte te komen voor het onderbewuste en het absurde. Poëtische werken die direct uit de gedachte- en fantasiewereld van de kunstenaar komen zijn in zwang. Met speelsheid, humor en een vleugje onheilspellendheid wordt de verbeeldingskracht van de kijker geprikkeld.

Nadine van den Bosch is kunsthistoricus en co-founder van Young Collectors Circle. Daarnaast werkt ze als curator en schrijver, adviseert ze kunstinstellingen over strategie en development en is ze kunstadviseur voor diverse (bedrijfs)collecties.

Meer lezen? Bestel een losse editie of haal hem in de winkel.

Categorieën
2022 Columns

Textielkunst in Column Collect

De opmerkzame beursbezoeker heeft het de afgelopen jaren al gezien: textielkunst is aan een comeback bezig. De hang naar ambacht en ‘aanraakbare’ kunst heeft een vlucht genomen. Er was niet alleen meer tijd om stil te staan bij het maken en het materiaal, ook verlangen verzamelaars wereldwijd naar kunst die tastbaar en tactiel is. Hedendaagse (digitale) disciplines als fotografie en videokunst maken plaats voor wollen wandtapijten en zijden textielcollages. De hand van kunstenaar mag weer te zien zijn, inclusief kleine afwijkingen die horen bij het maakproces. Imperfectie en intimiteit winnen het van gelikte, perfecte beelden. Textiel is hip & happening en heeft het gedateerde, soms wat kneuterige imago voorgoed van zich afgeworpen.

BEROEMDE VOORBEELDEN

Koningin van de textielkunst is ongetwijfeld Sheila Hicks, deze inmiddels 87-jarige Amerikaanse kunstenaar staat bekend om haar grote, immersieve installaties van allerlei soorten textiel. De toeschouwer wordt opgeslokt door haar kleurrijke werelden van wol en moet van goeden huize komen om de verleiding van het aanraken van de stof te weerstaan. De werken van Hicks zijn niet alleen visueel overweldigend, ze verraden ook haar oog voor het ontwikkelen van nieuwe technieken. Hicks heeft gedurende haar carrière onderzoek gedaan naar talloze weeftechnieken die geworteld zijn in culturen over de hele wereld. Deze kennis en kunde is duidelijk terug te zien in haar werk. Een voor de privéverzamelaar wat meer hanteerbare vorm van textielkunst is het wandtapijt, waar onder andere de in Antwerpen wonende, Nigeriaanse kunstenaar Otobong Nkanga uitzonderlijke exemplaren van maakt. Haar werk is bekroond met diverse prijzen en menig top-museum heeft een van haar gelaagde wandkleden in de collectie. Nkanga reflecteert in haar textielwerk onder meer op de relatie tussen mens en natuur en de uitputting van natuurlijke bronnen. Het delven van grondstoffen en de ongelijke verdeling van de welvaart die hieruit voortvloeit is een terugkerend thema in haar werk. Haar wandtapijten vieren de schoonheid en rijkdom van de natuur, maar waarschuwen ook voor de schaduwzijde die het winnen hiervan met zich meebrengt.

Turner Prize-winnaar Grayson Perry hanteert een andere manier van verhalen vertellen in zijn grote wandtapijten. Deze enorme lappen geborduurde stof lezen als een graphic novel, waarin absurde situaties en een duizelingwekkende hoeveelheid personages vrolijk over het doek tuimelen. Zijn werk leest als een reis door een andere wereld, waarin maatschappijkritiek en humor hand in hand gaan. Zijn kleurrijke werken doen denken aan een hedendaagse versie van het beroemde tapijt van Bayeux uit 1060, waarin de Slag bij Hasting in gedetailleerd borduurwerk verbeeld is.

Maar de wereld van de textielkunst is groter dan enkel geweven garen, zo laat Billie Zangewa zien. In onder andere de collectie van het Stedelijk Museum Amsterdam is delicaat, intiem werk van deze Zuid-Afrikaanse kunstenaar te zien. De fragiele zijden textielcollages tonen alledaagse taferelen, zoals een moeder die haar zoon helpt met huiswerk aan de keukentafel of een stel dat ’s ochtends samen de krant leest. Het zijn scènes uit het leven van Zangewa zelf, intiem maar door de alledaagsheid van het onderwerp universeel herkenbaar.

Ook in Nederland is textielkunst in opmars. Zo creëert aanstormend talent Afra Eisma fantasiewerelden van textiel waarin patronen, gedaantes en kleuren de kijker verwelkomen. De kleurrijke, handgemaakte textielwerken nodigen uit tot aanraken; ze zijn zacht en aaibaar. Met een zogenaamde ‘tufting-gun’ schiet Eisma de draden wol door het doek dat opgespannen is in een houten frame.

CONSERVEREN VAN TEXTIELKUNST

Textiel is kwetsbaar en vereist van de verzamelaar een goede verzorging. Het materiaal is fragiel en veroudert vaak sneller dan metaal of verf. Door veroudering, veel licht en hoge luchtvochtigheid ontstaat er een toenemende verzwakking van het materiaal die niet altijd met het blote oog zichtbaar is. Met als gevolg dat de flexibiliteit en veerkracht van textiel vermindert, waardoor het bros of hard wordt. De stof kan hierdoor splijten of verkleuren. Dit resulteert uiteindelijk in vezelbreuk en vezelverlies, waardoor het textiel uit elkaar kan vallen. Dit kan voorkomen worden door het textiel niet in direct zonlicht te hangen, te zorgen voor een lage luchtvochtigheid, het werk voorzichtig schoon te maken en het gelijkmatig op te hangen om spanning in de stof te vermijden. De verzamelaar doet er goed aan informatie over de samenstelling van de stof en het conserveren hiervan in te winnen bij de kunstenaar of galerie. Niet alleen krijgt men hierdoor extra inzicht in het materiaal, het verlengt ook de levensduur van het kunstwerk.

Meer columns lezen? Bestel dan hier de losse editie! Wil je op de hoogte blijven van alle ontwikkelingen op het gebied van kunst? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief of abonneer je op Tableau Magazine.